zondag 11 maart 2018

eiwit over: maak kokosmakronen!


Zoals in mijn vorige blogbericht te lezen is, maakte ik gisteren advocaat: stoere advocaat. En nu zit ik met maar liefst 27 eiwitten die over zijn!
Vorig jaar maakte ik ook advocaat, maar in een kleinere hoeveelheid . Een deel daarvan werd kokosmakroon. Ik gebruikte daarbij het recept van de blog Eenvoudig Leven en paste het wat aan.  Ik had er gelukkig nog wat aantekeningen van.


Het was een verrassing hoe lekker die makronen smaakten. Het is echt waar: alles wat je zelf maakt is lekkerder. Voordeel van zelf maken is ook, dat je weet wat erin zit.

Kokosmakronen zijn heel eenvoudig te maken met weinig ingrediënten: eiwit, suiker, kokos en wat meel.  Ik leg ze op ouwelvellen, het zogenaamde eetpapier, voordat ik ze ga bakken. Dit hoeft echter niet: het kan ook op bakpapier. Net wat je zelf wilt.



Toen ik wilde beginnen, stuitte ik op het probleem dat in de recepten wordt gesproken van het aantal eiwitten. Dat was in mijn geval een beetje moeilijk: in mijn bak zaten 27 eiwitten. Onmogelijk om er losse eiwitten uit te halen. Enig zoekwerk leverde op dat in de patisserie uitgegaan wordt van 17 gram dooier en 33 gram eiwit per ei. Voor het gemak heb ik 30 gram eiwit als 1 eiwit beschouwd.

Het proces begint met het los kloppen van de eiwitten.


Hieraan wordt suiker toegevoegd, die al roerend, au-bain-marie, in het eiwit wordt opgelost. Gewoon de bak in heet water zetten, voldoet ook.  Ik heb wel gelezen dat door het verhitten van de eiwit met suiker (tot maximaal 55 graden), de kokosmakroon lekker zacht van binnen blijft.



Vervolgens, gaat de bak van het vuur af en worden kokos en bloem er doorheen gemengd.




Dit wordt - in hoopjes - op de ouwelvellen geschept. Ik heb dat met een lepel gedaan en een beetje platgedrukt. Het kan ook met een ijslepel, waardoor er  keurige bergjes ontstaan.  Van mij mag het echter  best wel een beetje rommelig lijken.


Deze worden ongeveer 10 minuten in een voorverwarmde oven van 180 graden gebakken. Ze zijn nog een beetje zacht als ze uit de oven komen, maar ze harden verder als ze uit de oven zijn.


De ouwel laat zich gemakkelijk van de koek afbreken.


Ik heb op internet allerlei recepten voorbij zien komen van kokosmakronen. Met kloppen van eiwitten tot een stijve massa, enzovoort. Ik vind echter het recept wat ik hier beschreven heb, heel eenvoudig. En heel lekker. Ik houd het hierbij.

Recept voor ongeveer 14 kokosmakronen ( aantal hangt af van hoe jij ze vormt)

Ingrediënten
- 3 eiwitten  (vergelijkbaar met 90 gram eiwit)
- 200 gram suiker
- 50 gram bloem
- 125 gram kokos
- eventueel ouwelvellen

Werkwijze
-verwarm de oven voor op 180 graden
- klop de eiwitten los
- verwarm water in een pan en zet de bak met eiwitten hierop en vermeng de suiker hiermee tot de suiker is opgelost ( au-bain-marie). Dit kan ook door er een bak gloeiend heet water onder te zetten.
- haal de bak uit de pan en vermeng de bloem en de kokos met het eiwit-suikermengsel
- leg een lepel kokosmengsel op bakpapier of ouwel en druk deze wat uit tot een koekvorm
- doe de makronen in de voorverwarmde oven
- bak deze gedurende ongeveer 10 minuten
- haal ze uit de oven en laat ze afkoelen. Als je ouwel hebt gebruikt, breek je de ouwel, die niet onder de koek zit weg.


Nog een keer een ovenrooster vol kokosmakronen, maar nu in een mooie, gelijkmatige vorm
Hiervoor gebruikte ik 3 keer de hoeveelheid van bovenstaand recept. Ik gebruikte geen ouwelvellen, maar bakpapier. Ik gebruikte een ijsschep en kreeg zo bolletjes, die - eenmaal gebakken -  mooie ronde koeken werden. Omdat deze koeken wat dikker zijn, was de baktijd 14 minuten ( in plaats van 10 minuten, zoals hierboven beschreven staat).




zaterdag 10 maart 2018

stoere advocaat


Omdat Pasen nadert, vind ik het leuk om advocaat te maken. Een mooi geel, dik drankje met een oude dames-imago. Daar wil ik graag verandering in brengen. Op naar de stoere advocaat!

Leuke bijkomstigheid is dat de leden van de facebookgroep "Foodbloggers Benelux" zijn uitgedaagd om een paasvol recept te maken. Daar is dit recept heel geschikt voor. Ik heb het ingezonden en - tot mijn verbazing-  heb ik de eerste prijs gewonnen. Ik ben trots. Hier een citaat uit het juryrapport:

We belanden nu bij de uiteindelijke winnaar van #foodblogevent maart. Een recept dat je niet snel verwacht. maar drankjes horen er ook bij. Petra Klimop zond een recept in voor stoere advocaat. je zou denken tuttig en ouderwets. Welnee hartstikke hipster.
Op passievoorzelfmaken.blogspot.nl vind je haar recept. de gezelligheid straalt er vanaf. Met stap voor stap foto's en de overheersende kleur geel. Feestelijk voor Pasen. Petra vertelt ook nog wat via oude afbeeldingen en geschiedenis van dit drankje. Leuk dat je het hebt afgestoft. 
Petra Klimop met haar stoere advocaat is de winnaar van #foodblogevent maart. VAN HARTE GEFELICITEERD.

Als wij vroeger visite hadden, namen de dames advocaat, soms met een toefje slagroom. Mijn moeder had zelfs speciale advocaatlepeltjes: hele kleine lepeltjes, die ze in een speciaal doosje bewaarde. De advocaat werd geserveerd in mooie, kleine gebrandschilderde likeurglaasjes. Ik heb er nog 5 glaasjes van. Ik heb ze wel even moeten afwassen, want er zit stof op van tientallen jaren.



Ik vind het bijzonder om deze glaasjes weer te gebruiken met Pasen, als mijn hele familie komt om samen Pasen bij ons te vieren. Dit roept herinneringen op aan visites bij ons vroeger thuis in de voorkamer......

Advocaat wordt gewoonlijk gemaakt van brandewijn. In het boek 'Neerlands Dis' van Spectrum, is te lezen dat brandewijn vroeger het vrouwendrankje bij uitstek was. Vooral brandewijn met suiker was favoriet. Waarschijnlijk dacht men dat als het drankje maar goed zoet proefde, het meer onschuldig was. En zo ontstonden er allerlei drankjes, waaronder advocaat.  Op het platteland maakten de vrouwen dit vroeger zelf net zoals allerlei vruchten op brandewijn.
In het boek  'Onze smaak'  uitgegeven door Terra, kwam ik een artikel over advocaat tegen. Wat mij opviel was, dat er een meneer met een fles advocaat en een glaasje in zijn hand stond....In mijn beleving is advocaat toch echt een damesdrankje....

reclame voor advocaat van de Likeurstokerij en Limonade-fabriek J. Voogd in Schiedam, niet gedateerd

Om van dat oude dames-imago af te komen (haha), maar zeker ook voor de zachtere smaak, maak ik advocaat niet van brandewijn maar van wodka. Daarmee geef ik een stoere twist aan dit dikke gele damesdrankje.

Vorig jaar maakte ik al een keer advocaat, met als basis wodka.



Mijn aantekeningen van vorig jaar waren heel summier. Ik heb weer flink moeten zoeken op internet en in boeken om tot een recept naar mijn zin, te komen.


De advocaat die ik heb gemaakt, vind ik zoveel beter van smaak dan de advocaat die in de winkel te koop is. Voor de kosten hoef je het niet te doen. De zelfgemaakte advocaat is veel duurder dan de winkelvariant. Dit komt mede doordat de vanillepeulen oftewel stokjes, flink duur zijn. Ik was in Rotterdam in een betere groentezaak, daar was geen vanillepeul te krijgen. De groenteboer vertelde dat dit  door de slechte oogst van dit jaar kwam. Uiteindelijk kocht ik een vanillepeul bij de Albert Heijn in het dorpje Mill voor ruim 4 euro.


Ik gebruik bij het maken van advocaat alleen het eigeel en niet het eiwit.


Op internet woedt een hele discussie over of advocaat alleen van hele eieren of alleen van de eidooiers wordt gemaakt. Beide varianten schijnen te kunnen en dan de naam 'advocaat' te kunnen dragen.
 Gebruik je het hele ei, dan wordt de advocaat dunner en - naar mijn idee - minder smaakvol.  Ik kies dus voor het gebruik van alleen de eidooier. Het gevolg hiervan is dat je met een giga-hoeveelheid eiwit komt te zitten. Vorig jaar maakte ik daar kokosmakronen van. Je schijnt eiwit in te kunnen vriezen. Dat ga ik nu doen en ga zelf ondervinden of het na invriezen, nog goed bruikbaar is.


Voor 1 liter advocaat, gebruik ik maar liefst 27 eieren.


De eidooiers worden van het eiwit gescheiden en geklopt. De vanillepeul wordt opengesneden, het zaad wordt eruit geschraapt en de peul wordt in stukken gesneden. Vervolgens wordt hieraan toegevoegd: de suiker en de wodka.





Vervolgens wordt deze massa - au bain marie - onder voortdurend roeren, tot een temperatuur van 80 graden gebracht. Ik kocht hiervoor een handige digitale thermometer.




 Het mag beslist niet warmer worden dan 85 graden omdat de boel dan gaat schiften. Ook hier lopen de meningen op internet weer uiteen. Ikzelf heb ervaren dat het nodig is om tot 80 graden te gaan om de massa dik te krijgen. Tijdens het roeren, voel je hoe de vloeistof, in 1 keer, van structuur verandert: van heel vloeibaar tot dik. En dan is het tijd om de massa, aanvankelijk onder voortdurend roeren,  af te laten koelen in ijskoud water. Dit gebeurt om te voorkomen dat de massa gaat stollen(omeletvorming met wodka en vanille 😉).



Als de advocaat voldoende is afgekoeld, doe ik de advocaat door de zeef. De vorige keer dat ik advocaat maakte was deze heerlijk qua smaak, alleen zat er af en toe een hard stukje tussen. Dat is gestold ei. Om dit te voorkomen en om de resten van de vanillepeul eruit te halen, heb ik de advocaat gezeefd.



Hierna begint het leuke werkje: het gieten van de advocaat in mooie flesjes. Ik koos voor een weckflesje van een halve liter en 2 weckflesjes van een kwart liter.


De vanillepeul was dan wel duur, maar het effect is, naast de smaak, ook heel mooi te zien in de advocaat. Er zitten minuscule vanillezaadjes in. Dat zie je niet bij een gekochte advocaat!




Recept voor 1 liter advocaat

Ingrediënten
- 500 gram eidooier ( in mijn geval eidooiers van 27 eieren)
- 500 gram suiker
- 1 vanillepeul of stokje
- 600 ml wodka

Werkwijze
- scheid de dooiers van de eiwitten
- schraap de vanillepeul uit en snijd hem in stukken
- klop de dooiers tot een egale massa en doe hier de in stukken gesneden vanillepeul, de vanillerasp en de suiker bij en roer dit door elkaar
- voeg de wodka toe en roer dit door de massa heen
- zet ondertussen een pan met water op en breng deze aan de kook
- zet de bak met de eiermassa op deze kokende pan water, zonder dat de schaal met de eiermassa het water raakt
- roer de massa voortdurend en zorg er hiermee voor dat het eigeel niet gaat stollen en omelet wordt
- controleer met een thermometer de temperatuur. De massa mag niet heter worden dan 85 graden, omdat hij dan gaat schiften
- zodra de massa een temperatuur van ongeveer 80 graden heeft bereikt, zet je de bak in ijskoud water en laat je de massa, onder voortdurend roeren, afkoelen. Je voelt dat de massa verandert van heel vloeibaar naar vla-achtige dikte
- zeef de advocaat
- giet de advocaat in mooie flesjes

Deze advocaat kan buiten de koelkast, op een donkere plek bewaard worden. Als je een flesje aanbreekt, dien je het in de koelkast te bewaren.


13 april 2019
Vanochtend haalde ik bij de boerin in ons dorp, die al dik in de 80 is, eitjes. Vanmiddag maakte ik er advocaat van. Van die stoere, zoals hierboven beschreven staat.
Hieronder volgen enkele foto's:

27 eidooiers (wat moet ik met die 27 eiwitten doen????)
Au bain Marie roeren, roeren, roeren tot de 80 graden is bereikt


Blijven roeren, totdat de advocaat kouder is en er geen kans meer is op schiften

Ruim 1 liter advocaat is het resultaat

Stoere advocaat, vergezeld door de kip die van de opa van mijn man was.Het was toen een hele dure kip voor die tijd, zo gaat het verhaal. Nog steeds heel decoratief en af en toe zitten er eitjes in.

zaterdag 3 maart 2018

Pasen gloort: tijd voor limoncello!



Over een klein maandje is het alweer Pasen. Tijd voor eitjes en drankjes en geel. Dus ook tijd voor de mooie gele likeur: limoncello.  Nou ja, limoncello is vooral lekker in de zomer: ijsgekoeld, maar qua kleur past ie heel mooi bij Pasen. Je kunt bijvoorbeeld een scheutje in een glas prosecco doen en je hebt een paasachtig, mooi geel drankje met bubbels!

Voorlopig is het buiten echter nog koud en guur.


Het is wel een kwestie van geduld om limoncello te maken, want alles bij elkaar duurt het wel een maand voordat het drankje klaar is. Maar dan heb je ook een echte citroenlikeur.

Het proces begint met het schillen van de citroen (zonder het wit) en het kopen van een fles wodka.




De wodka en de citroenschil worden bij elkaar in een afsluitbare pot gedaan.


En dat is fase 1. De pot wordt gedurende 3 weken op een donkere plek gezet, bijvoorbeeld in de kelder of in een kast en af en toe geschud.

Na 3 weken is de wodka verrassend geel gekleurd. Ik had niet verwacht dat, door die paar citroenschilletjes, de kleurloze wodka zou veranderen in een frisgeel drankje. Citroenschil bevat dus blijkbaar veel kleurstof. Ook de geur is veranderd in zeer citroenig.


Toegevoegd wordt suikerwater.


Omdat de pot te klein blijkt te zijn, wordt alles overgeheveld in een grotere pot.



En dat was fase 2. De pot wordt weer teruggezet in de kelder gedurende een week.

Dan begint het leuke werk: het zeven van de vloeistof: fase 3.




En dit is het uiteindelijke resultaat:


Recept voor ruim 1 liter limoncello

Ingrediënten
- 1 fles wodka (0,7 liter)
- 5 biologische citroenen, goed gewassen (ook op biologische citroenen zit een waslaag)
- 200 gram suiker
- 400 ml water

Werkwijze
fase 1:
- schenk de wodka in een afsluitbare pot
- schil de citroenen zonder het wit
- doe de citroenschillen bij de wodka
- sluit de pot en zet deze 3 weken weg op een donkere plaats
- schud de pot regelmatig
fase 2:
- doe de suiker en wat in een pan en maak dit warm en los de suiker, al roerend, op
- laat dit suikerwater afkoelen
- voeg het suikerwater toe aan de citroenwodka en sluit de pot af
- zet de pot gedurende een week weg op een donkere plaats
fase 3:
- zeef de likeur
- doe deze in een schone fles



Zeeuwse chocoladeknop


Al eerder schreef ik over de prachtige bakvorm Zeeuwse knop.


Dit is een bakvorm met een rijke Zeeuwse geschiedenis.  Wil je hier meer over lezen, is dat te vinden bij zeeuwse chocoladeknopjes.
Met zo'n taartje kun je echt voor de dag komen. Naast de prachtige vorm, is het ook nog eens een lekker smeuïg chocoladetaartje. Heerlijk bij de koffie of als dessert met wat slagroom en een bolletje vanille - of slagroomijs.


Recept voor een Zeeuwse chocoladeknop (of een tulband)

Ingrediënten
- 35 gram cacao
- 150 gram pure chocolade
- 150 gram zachte boter
- 4 eieren
- 250 gram bruine basterdsuiker
- 100 gram gemalen amandelen

Werkwijze
- vet de vorm goed in
- verwarm de oven voor op 180 graden
- los de cacao op in 5 ruime eetlepels heet water
- smelt de chocolade. (overal lees je dat dit au-bain-marie moet, ik doe het echter altijd in een steelpannetje op vuur en laat de chocolade dan zachtjes smelten)
- splits de eieren
- meng de gesmolten chocolade en boter met de cacao-oplossing
- roer hier de suiker en gemalen amandelen doorheen
- roer 1 voor 1 de eidooiers hier door
- klop de eiwitten stijf
- spatel het eiwitschuim voorzichtig door het chocoladebeslag.
- schep de massa in 8 kleine vormpjes of in 1 grote vorm
- plaats de vorm  in  het midden van de oven
- bak de kleine vormpjes in 45 minuten klaar en de grote vorm in 60 minuten. Controleer met een breinaald of het deeg gaar is ( In het deeg prikken. Als de breinaald er droog uitkomt, is het deeg gaar). Houd ook in de gaten of het deeg niet verbrandt. Je kunt dan een stuk aluminiumfolie op het deeg leggen
- Haal de vorm uit de oven, laat hem afkoelen en keer deze dan in 1 keer om

Voor een fotoreportage over de werkwijze, kun je de volgende link openen: zeeuwse chocoladeknopjes